14 september

Brabantrit 28 groep.

Het gezegde na regen komt zonneschijn was zeker van toepassing op de Brabantrit van zaterdag 14 september. Kwam de regen vorige week zaterdag met bakken uit de hemel, nu kon je geen beter fietsweer voorstellen. Het uitstellen van de Brabantrit had dus een positief effect. Wat tegenviel was het echter het aantal deelnemers bij de 28 groep. Slechts 6 personen stonden er aan het vertrek in Krabbendijke, mede een gevolg van de Ride fort he Roses op zondag. Aanwezig waren: Nel Jakobsen, Wim van Vossen, Frans Sinke, Rene Staal, Koos Oggel (speciale dank aan Tiny voor het brengen van Koos vanuit de camping in Dishoek) en Piet Eversdijk.
Er waren twee routes beschikbaar: één richting Oude Tonge en één richting Zevenbergen. Na overleg werd gekozen voor de route in West-Brabant mede gezien de te verwachten wind vanuit het oosten. Aangezien mijn Garmin vanwege garantieafhandeling nog steeds niet beschikbaar is, moest de Mio van Frans ons door het Brabantse land leiden. Hoewel zijn GPS apparaat een hele nacht aan de lader had gelegen, gaf die al er spoedig de brui aan en werd besloten op “gevoel “te rijden.
Langs de oude Rijksweg richting Heimolen en via het bos naar Nispen. Na Nispen nog een stukje door den Bels. Om niet te ver af te wijken van de oorspronkelijke route werd er weer richting Roosendaal gedraaid, maar kwamen we voor een zandpad te staan. Hoewel gravelrijden steeds populairder wordt, kozen we toch voor een andere route. Via de oostkant van Roosendaal ging het richting Seppe om daar bij het vliegveld een koffiestop in te lassen. Hier aangekomen zagen we ook de fietsen van de mensen van de 25 groep. Een goede mogelijkheid om de fietsen op zicht te plaatsen ontbrak en daarom werden ze via een opening in de omheining tegen het terras aan de landingsbaan gezet. Dit was niet naar de zin van de ober en dus werd besloten om een poging te wagen in Bosschenhoofd. Hier echter weinig aansprekende horeca dus dan maar doorrijden naar Oudenbosch. Onze hardrijder uit Wemeldinge had hier samen met zijn lieftallige echtgenote Nelly mooie momenten doorgebracht op een terras bij de basiliek en dus viel daar onze keuze op. De eigenaar, trots op zijn Thoolse afkomst, voorzag ons van koffie en appelgebak. De sfeer zat er goed in en bij het vertrek werden er nog foto’s gemaakt met de replica van de Sint Pieter op de achtergrond.
Met wind in de rug gingen we richting Oud-Gastel en van daaruit naar Kruisland en Moerstaten. Verkeersluwe wegen, mooi asfalt, heerlijke temperatuur en een prachtige zon zorgden ervoor dat deze rit een van de hoogtepunten was van dit seizoen. Bij Steenbergen werd besloten om verder te rijden via Tholen, waar op een bekend terras nog een colaatje werd genuttigd. De Oesterdam werd gezwind genomen en hier bleek des te meer hoe populair deze route is onder personen op de racefiets. Via de kassen gingen we verder richting Krabbendijke waar onze voorzitter netjes thuis werd afgezet met 120 km op de teller. Rene Staal reed nog een stukje mee in de richting van het pittoreske Waarde, waarna het viertal verder ging richting Yerseke  Onderweg stonden nog drie leden van de TC Kapelle te zoeken naar een verloren Garmin. Hopelijk hebben ze die gevonden, anders kan de eerlijke vinder die terug bezorgen bij Jos Jeremiasse.  De oostenwind was intussen gedraaid naar een meer westelijke richting en dat betekende tegenwind. Dit had echte geen enkele invloed op het rijden van de 75 jarige Koos Oggel. Na terugkomst van de 100 cols tocht heeft hij wat gas terug genomen om nu weer op te bouwen. Van sleet lijkt bij Koos geen sprake, want hij rijdt sterker dan ooit.  In Yerseke namen we afscheid van Frans en na de Postbrug ging Wim naar het mooiste dorp van Zeeland om zich onder te dompelen in het feestgewoel van de Wemeldingse dag. De Kapellenaren reden nog wat verder en hadden bij thuiskomst 150 km op de teller met het bij de groep passende gemiddelde.
Resumerend kunnen we stellen dat we een prachtige fietsdag hebben beleefd in een ontspannen sfeer. Hopelijk kan dit een vervolg krijgen aanstaande zaterdag tijden de Johan Geense herfsttocht.

Piet Eversdijk

 

30 groep

Vorige week 7 september j.l. stond de Brabanttocht voor T.C. DE TRAPPERS leden al op de agenda. I.v.m. slechte weersvoorspellingen werden de tochten toen al op vrijdagavond 6/9 terecht afgelast. Naar later bleek ook volkomen juist. Het regende in de late ochtend en gedurende de middag erg veel en om dan een Grote Tocht te fietsen is bepaald geen pretje.
Dus werden de tochten een week uitgesteld en het aanvangsuur werd met een half uur verlaat. D.w.z. dat de deelnemers nu om 09.00 uur van start zouden gaan op het parkeerterrein aan de Westelijke Parallelweg te Krabbendijke. Als deelnemende groep uit Kapelle en Kruiningen kwamen we aldaar als eersten aan. Echter in de volgende minuten werd het behoorlijk druk. Zoals altijd ontstonden er ook nu geanimeerde gesprekken onder de diverse deelnemers.
Om 09.00 uur werd de 30 groep door de wegkapitein Adrie Moelker bij elkaar geroepen. Hij legde uit, dat we een route zouden gaan rijden, die door diverse deelnemers in hun navigatieapparaten was opgeslagen. Een traject dat na het passeren van de Bathsebrug verder zou lopen via Putte, Kalmthout, Gooreind, Klein Zundert, Rijsbergen, Hoogstraten, Kalmthoutse hei, Essen Hoek, Wouwse Plantage, Woensdrecht en via de Bathsebrug terug langs de Westerscheldedijk naar Reimerswaal. Met z’n achten vertrokken we richting Brabant. Het was prachtig, zonnig weer. Misschien aanvankelijk nog wat fris, maar het zou in de loop van de dag al snel gaan opwarmen. Bovendien niet te veel wind, die ook al uit een gunstige noord oostelijke hoek waaide, zodat we op de terugweg de wind hoofdzakelijk in de rug zouden voelen. Zoals gezegd waren we met acht deelnemers in deze 30 groep, te weten: André Dek, Leo Goeree, Rinie Jakobsen, Arthur Kievit, Paul van Koeveringe, Kees de Leeuw, Adrie Moelker en Rinus Verhulst. Net na het passeren van het grensdorp Putte moesten we helaas al afscheid nemen van Adrie. Hij moest vervroegd terugkeren om zijn vrouw te helpen. Betsy had namelijk 10 dagen geleden bij een val haar bovenarm gebroken. Enige ondersteuning van Adrie kon ze daarom nog goed gebruiken, dus vandaar dat onze wegkapitein maar een deel van de tocht kon meerijden. In ieder geval wensen wij Betsy een spoedig herstel toe.
Richting Kalmthout trokken we België binnen, hetgeen meestal direct te zien en te voelen was aan de toestand van het wegplaveisel. Rinus waarschuwde ons voor drukte bij het passeren van Kalmthout Heide, omdat vandaag aldaar de Heide(nse) feesten waren gepland. Gelukkig viel het met die drukte wel mee. Daarna reden we het Kempische achterland binnen, met z’n wel heel aparte vergezichten. Kronkelende weggetjes, weilandjes, kleine bossen en hier en daar een grote boerderij. Zeer specifiek voor deze regio. Ondertussen vernam ik van André, dat hij gisteren een nieuwe racefiets had gekocht bij Faase in Oud Vossemeer. Nadat hij enige tijd geleden in Zuid Limburg bestolen was en daarbij z’n pas nieuwe Ridley kwijtraakte, had hij zich nu een nieuwe Ridley aangeschaft. Deze nieuwe fiets stond echter nog naast zijn bed, omdat hij niet een eerste rit van ca. 180 km. erop wilde maken. Een ander zadel, een andere zit en onwennig met het functioneren van remmen en derailleur deden hem terecht besluiten vandaag nog op z’n oude racefiets deel te nemen.
Opvallend was het zeer sterke rijden van Arthur. Hij heeft dit jaar een volledige metamorfose ondergaan. Een goede winter met spinning lessen, een dieetje en meer fietsen hebben de fietskrachten bij hem wel heel erg doen toenemen. Als hij de kop neemt en voorover op z’n stuur gaat liggen, dan gaat het tempo altijd omhoog en dat gedurende langere kopbeurten. Nog zo’n tempobeul is natuurlijk Leo Goeree. Hoe makkelijk die met de pedalen speelt is ongelooflijk. Het is net of hij in de boter trapt, zou onze Belgische t.v. commentator José de Cauwer van hem zeggen. Prachtig om te zien, lastig om er naast te fietsen!!
In de buurt van Zundert stopten we voor de eerste keer. Natuurlijk werd er koffie met appeltaart besteld. Rinie vertelde hier over z’n neefje Fabio, momenteel deelnemer aan de Vuelta in Spanje. Regelmatig hebben ze contact met elkaar via de app. Z’n deelname aan de Vuelta was al meer dan geslaagd met één etappezege en het nog steeds aanwezig zijn in het peloton. Fabio had nog nooit een koers langer dan 8 dagen achter elkaar gereden en nu was hij al bezig aan de voorlaatste etappe van een 3 weken koers. En wie weet gaat hij morgen in Madrid, tijdens de laatste aankomst, nog eens toeslaan!!!
Na het verste punt Rijsbergen, kregen we inderdaad de wind wat meer in de rug. M.n. Kees de Leeuw kreeg het zo nu en dan op z’n heupen. Ook hij reed een uitstekende tocht en liet zien in een erg goede vorm te verkeren. Dat kwam mede omdat hij sinds enige weken een passend zadel had gevonden. Sinds lange tijd werd Kees geplaagd door zadelpijn, doortrekkend in billen en benen. Voorwaar geen voorwaarde om lekker te gaan fietsen. Nu had hij zich een ADAMO zadel aangeschaft. Ik wist niet beter, dan dat Adamo in mijn jeugdjaren een bekende Belgische liedjeszanger was, maar toen Kees z’n billen lichtte, las ik de naam ADAMO met grote letters op zijn zadel. Zo zie je maar, dat lekker fietsen begint met een passend zadel. Ondertussen passeerden we ook nog het NAC trainingscomplex, hetgeen door Rinus (NAC) Verhulst luidkeels aan ons werd mede gedeeld.
De tweede stop maakten we op de camping t.h.v de Wouwse Plantage. Een sanitaire stop kwam voor velen wel goed uit, de bidons werden gevuld en een lekkere koele cola op het terras was daar ons deel. Zo konden we dan aan ons laatste deel van de route beginnen. Vlak langs de A58, achterlangs de Wouwse Tol (zo heette dat voorheen) en restaurant Stay OK reden we naar de enige echte klim van de dag, de col de Mattembourg. Kees, Rinie en Leo ontbonden hier hun duivels en kwamen als eersten boven, echter de rest volgde op korte afstand. Langs de Westerscheldedijk reden we vervolgens richting Reimerswaal, waar de diverse deelnemers naar hun woonplaats fietsten.
Voorwaar een prachtige dag met een stel zeer goede fietsers. Na 182 km. stalde ik mijn KUOTA in de schuur. We reden deze middag met een gemiddelde snelheid van 30 km/uur. Gezelligheid, plezier, goed weer en lekker fietsen waren ons deel. Oh ja, laat ik niet vergeten te zeggen, dat ik deze dag heerlijk heb mee gepeddeld.

Paul van Koeveringe