3 april

OPENINGSRIT 2121

‘Aprilletje zoet…..’, zo begint een gezegde dat nogal eens uitkomt. ‘De witte hoed’ hebben we niet op gekregen vandaag, maar wie weet komt dat nog.
Een paar dagen geleden zag ik bij mijn ‘Rondje Walcheren’ mensen in bikini aan het strand liggen. Vandaag liep men dik ingepakt en voorovergebogen tegen de wind over de Veerse Dam. Zo gaat het nogal eens met Pasen.
In gedachten ga ik terug naar een gebeurtenis lang geleden: 12 april 1979. Het was een zonovergoten en warme Paaszondag geweest en ik had Paasmaandag ingeschreven voor een halve marathon hardloopwedstrijd in Eupen in de Belgische Ardennen. Een mooie gelegenheid om als gezin, Tiny, de drie jongens en ik, naar onze geliefde Ardennen te gaan waar we die winter nog hadden genoten van een skidag in Ovifat.
We vertrokken vroeg, allemaal in zomerkleding en ik mijn lichtste lopers outfit mee. Maar onderweg veranderde het zomerweer gaandeweg in een gure, grijze winderige na-winterdag. In Eupen was het winterkoud. Er woei er een venijnige wind en tijdens de wedstrijd werden we getrakteerd op natte sneeuwbuien! Bibberend van de kou zaten Tiny en de jongens te wachten op mijn terugkomst. Niemand had op zulk weer gerekend!  Ik wilde een snelle tempoloop doen over de halve marathonafstand en aan het einde van de week ‘vlammen’ in mijn jaarlijkse voorjaarsmarathon te Maassluis. Ja, die snelle loop lukte: 1.18.15, daar kon ik mee naar huis, maar ook met stijve ledematen en rugpijn achteraf. De marathontijd van 2.57.22 die zaterdag in Maassluis voelde als mislukt. Te wijten aan de weersomslag van de ene op de andere dag tijdens die voor mij gedenkwaardige Pasen 1979.

Na de zomers aandoende dagen van de afgelopen week verwachtte ik al zo’n zelfde scenario voor dit weekend. Maar we hebben allemaal toegang tot een weer App dus een verrassing was het niet om vandaag het winterjack van T.C. DE TRAPPERS aan te moeten trekken en natuurlijk ook de benen ‘in het lang’. Lichte handschoenen passen goed bij deze outfit en ik voel me niet bezwaard om die te dragen.

 

Ik kies voor mijn traditionele ‘Ronde Veerse Meer’. Dat geeft me spirit, iedere week opnieuw wil ik naar de kust, even het gevoel krijgen op vakantie te zijn, even uitkijken over de zee, desnoods beuken tegen de wind op de Veerse Dam of in het open landschap van Noord-Beveland. Ik kon er vandaag volop mijn hart bij ophalen. Kreeg er zelfs extra energie van. Ik weet van tevoren al waar de wind volop op de kop staat en waar ik flink gas kan geven met een volle rugwind. De route is globaal gezien Oost-West vice versa, dus ongunstig bij Noorden- en Zuidenwind, maar de richting varieert enorm. Ik fiets linksom, dus eerst naar De Piet en Veere Aan die kant valt niet zoveel variatie te bedenken. Ja, bij Oranjeplaat kan ik kiezen om langs het water met bebossing aan de waterkant naar Veere te rijden. Deze winter heeft men daar veel bomen gekapt en was het fietspad regelmatig afgesloten of erg modderig. Vandaag kies ik ervoor om richting Arnemuiden te volgen en dan, met flinke wind tegen, langs het kanaal naar Veere te rijden. Het lijkt in Veere minder druk dan ik verwachtte, misschien vanwege de hoge parkeertarieven? Het fietspad naar Vrouwenpolder is druk, zoals meestal rondom feest- en vakantiedagen. Dan komt de Veerse Dam. Bij het restaurant midden op de Dam staan de mensen in de rij voor ‘koffie to go’ en nog wat erbij. Gekke toestanden eigenlijk. Overal staan groepjes mensen hun consumptie te nuttigen zonder de verplichte afstand. Een volgende ‘hotspot’ is De Banjaard.  De peperdure nieuw aangelegde damovergang wordt druk gebruikt voor een flinke strandwandeling. Voor mij dus uitkijken geblazen. Op Noord-Beveland kies ik uit meerdere mogelijkheden voor de dijk via Plankenburg, ten Noorden van Kamperland. Hier waait de wind mij schuin achter maar voor ik Geersdijk bereik mag ik op de Stekeldijk nog een keer flink ‘in de beugels’ om wat tempo te houden. Vanaf Kortgene krijg ik eindelijk wat langer windvoordeel. In de Wilhelminapolder wordt nog druk gewerkt; het land, dat deze week vloeibare mest geïnjecteerd kreeg, wordt nu bepoot met aardappels. De strakke ruggenrijen steken mooi af tegen een inmiddels blauwe lucht. Boven op de dijk bij het Goese Sas is het ook bijzonder druk. Iedereen wil er op uit en deze locatie is zeer in trek. Normaal ook als duikspot voor Belgen, maar die zie ik niet vandaag. Wel veel jongeren, gegroepeerd uitkijkend over het water en stelletjes aan de wandel langs de kustlijn. Na de passage van de sluizen ga ik in volle vaart naar Kattendijke en langs de Dee naar de Monnikendijk en via de Plasweg weer naar huis.
Na ruim 74 kilometer kom ik, met een gemiddelde van 26,4 km/u., voldaan thuis. De ‘Openingsrit’ was het doel, natuurlijk in TRAPPERS tenue, dat geeft extra motivatie om er een mooie rit van te maken. Ja, wel alleen, maar dat is het ‘nieuwe normaal’ in deze tijd. Natuurlijk mis ik de wekelijkse gezamenlijke ritten in clubverband, maar alleen trainen deed ik, met mijn hardloopverleden, een leven lang.
Laten we hopen dat we binnen niet al te lange termijn er op de zaterdagen weer samen op uit kunnen trekken. Nog even volhouden!

Koos Oggel