4 september

Verslag Keetie van Oosten Hage Classic op 4 september

De Keetie van  Oosten Hage Classic stond oorspronkelijk niet op de agenda van TC de Trappers, maar werd op het laatste moment toch aan het programma toegevoegd. Misschien was dit de reden dat maar weinig Trappers besloten af te reizen naar Scherpenisse, waar dit keer gestart werd aan de oever van de Oosterschelde.
Andre Dek en Rinus Verhulst waren al vroeg vertrokken op de fiets, terwijl Marco Flipse, Bram Koeman, Paul van Koeveringe en Piet Eversdijk per auto in Scherpenisse arriveerden. Voorinschrijving was verplicht en bij aankomst stond in de tent de koffie met bolus al gereed. Alle weersites hadden een zonnige dag met weinig wind voorspeld, maar bij de start bedroeg de temperatuur 13 graden en stond er een harde noordoostenwind. Niet iedereen had daar bij de kledingkeuze die morgen rekening mee gehouden en even voor 10.00 uur werd er gestart voor ruim 140 kilometer.
De roodgele formatie werd al spoedig uitgebreid met een aantal fietsers die zich achterin het pelotonnetje nestelden. Via Stavenisse gingen we langs de Oosterschelde naar Stalland met de wind op kop. Toen al bleek dat het een pittige tocht zou worden. Op de vraag van een gastrijder of zij ook op kop moesten komen werd ontkennend geantwoord. Het vaste Trapperssysteem biedt tenslotte ook de nodige veiligheid. Richting Flupland werden we geconfronteerd, met naar wat later bleek gelukkig, onze enige lekke band. Paul was het slachtoffer. De gastrijders die op pad bleken te zijn voor de 58 en 75 kilometer bleven ook wachten. Dit bood mij de gelegenheid even te spreken met Jack Nieuwkoop van Shimano. Hij vertelde terloops dat alle onderdelen die nu worden gemaakt pas eind 2022 in de winkel zullen liggen. De schaarste van onderdelen blijft dus maar duren.
Vanaf de Krabbenkreekweg richting Sint Philipsland gingen 6 Trappers en een gast verder voor de 140 km. Na wat zoeken kwamen we op het bedrijventerrein bij de Fa Geluk waar de stop zich bevond. Prima bevoorrading met voor elk wat wils.  Sint Philipsland werd helemaal gerond om via de Krammer naar Schouwen-Duiveland te rijden. Hier pakten we de Grevelingenkant op en dat resulteerde in een lange wachttijd voor de sluis bij Bruinisse. De eigenaren van de luxe jachten werden dan ook tot spoed gemaand, echter zonder resultaat. Op Duiveland reden we over een voor de meesten van ons onbekende route richting de stoplichten bij Zierikzee. Van daaruit werd opnieuw over een voor velen onbekende route gereden richting Ouwerkerk. Ondertussen hadden we de aanwakkerende wind weer pal op de kop gekregen en kon krachtpatser Rinus zich uitleven. Hij kreeg daarbij het gezelschap van de 70-jarige Paul, op wie de jaren maar geen vat lijken te krijgen. Van Bruinisse naar de Krammer mocht ook Andre Rinus nog even gezelschap houden en ik weet zeker dat een aantal van ons blij was dat hier de brug open stond.
Nadat het brugdeel weer was gezakt gingen we in de achtervolging op een 4-tal jonge mannen. Eenmaal aangesloten ging het tempo fors omhoog. Helaas reden deze mannen richting Brabant. Marco en Bram waren hier niet rouwig om. Wat bleek: een echtpaar op een tandem had zich in onze groep geposteerd en daardoor reden beide heren vol in de wind. Opnieuw moesten we  naar de firma Geluk voor de tweede stop van deze dag. Echter dit keer met een kleine hindernis. Op de heenweg hadden we al gezien dat een boer een fikse lading mest op de weg “donderde”. Een klein spoor bood wat ruimte, maar de meeste fietsen waren toch redelijk “besmet”. Bij de tweede stop bleek dat slechts 76 fietsers de moeite hadden genomen om naar Scherpenisse te komen. Jammer want de mensen van de Stichting Fietsen op Tholen hadden de zaken goed voor elkaar en het is onbegrijpelijk dat er in een tijd dat er zo weinig kan/mag worden georganiseerd geen animo is. Na de tweede stop werd de groep weer uitgebreid en hadden we vooral wind in de rug. Ook nu reden we weer over veel wegen waar wij als Trappers normaal niet komen en dat leverde ook onderweg weer positieve reacties op.
Het laatste gedeelte vanaf de Bergse Diepsluis langs de Oosterschelde was het nog oppassen geblazen, maar gelukkig arriveerden we zonder kleerscheuren bij de tent in Gorishoek.
De pasta smaakte hier uitstekend. Rinus en Andre konden de koolhydraten nog goed gebruiken voor hun trip richting Krabbendijke en Kruiningen, terwijl de anderen ook spoedig de auto opzochten. In de auto werd er nog gefilosofeerd over de toekomst van de Trappers en de vraag hoe we meer mensen kunnen verleiden tot deelname aan deze ritten. Duidelijke antwoorden bleven echter achterwege.
De 142 kilometer werden afgelegd met een gemiddelde van 30 km. Dat ging voor de een wat makkelijker dan voor de ander, maar met respect voor ieders fietskwaliteiten werd het ondanks het tegenvallende weer een fijne fietsdag.

Piet Eversdijk

Foto's van Paul